
Isabella van Portugal met de heilige Elisabeth.

Brugge en Parijs domineren in de 15de eeuw de productie van getijdenboeken. In dit register van de gilde van librariërs staan de namen van de vaklui die Brugse getijdenboeken maakten. Naast hun naam (en soms ook hun functie) staat het lidgeld dat ze betaalden. Tussen 1455 en 1500 is een kwart van de gilde- leden vrouw. Ze werken meestal in dienst van een man, als leermeisje of als familielid. Enkelen schoppen het tot zelfstandig onderneemster.

Vanaf de ontwikkeling van de boekdrukkunst rond 1450 worden getijdenboeken ook gedrukt, zoals dit exemplaar uit Parijs. De teksten en illustraties bereiken nu nog gemakkelijker een groter publiek. Brugge blijft zich echter toeleggen op handgeschreven en -gedecoreerde boeken. Dit boek is dan ook het enige gedrukte boek in deze tentoonstelling.

Jacoba van Beieren (1401-1436) was gravin van Holland, Zeeland en Henegouwen. Ze was amper vijf wanneer ze werd uitgehuwelijkt aan de achtjarige Franse prins Jan van Touraine. Waarschijnlijk was dit getijdenboek een geschenk voor haar ter gelegenheid van haar verloving. Jonge meisjes als Jacoba leren lezen en bidden met een getijdenboek. Op termijn kunnen ze het ook gebruiken om hun eigen kinderen te onderwijzen.

Dit sobere exemplaar is geschreven op papier. Dat is goedkoper dan perkament, dat wordt gemaakt van dierenhuiden. Maar papier is minder sterk en daardoor minder geschikt voor boeken bestemd voor intensief gebruik, zoals getijdenboeken. Daarom is het buitenste en binnenste vel van elke katern in dit boek toch van perkament (zij het van erg lage kwaliteit).

In de late middeleeuwen is Latijn vooral de internationale taal van geleer- den, religieuzen en ambtenaren. Gewone mensen spreken en schrijven in hun eigen volkstaal. Met de groeiende geletterdheid verschijnen er steeds meer teksten in de volkstaal, waaronder ook vertaalde getijdenboeken. In de rubriektitel van dit handschrift staat 'in Vlaemsche'. Het Vlaams is de zuidelijke vorm van het Diets of Middelnederlands, naast andere regionale takken als Hollands of Limburgs.

Een beeld zegt soms meer dan duizend woorden. Een voorstelling als de Kruisiging of Bewening dompelt de gelovige onder in het lijden en offer van Christus en Maria. In getijdenboeken helpen dit soort emotioneel geladen afbeeldingen om de harten en geesten van de gelovigen te openen nog voor ze beginnen lezen. En soms helpen ze ook om hun hoofd bij de les te houden wanneer hun gedachten durven af te dwalen tijdens het gebed.

In de rode titel staat dat paus Alexander VI (1431-1503) een aflaat verleent van 10.000 jaar aan iedereen die dit gebed leest voor een beeltenis van Sint-Anna, de moeder van Maria. Wie tekst en beeld combineert, kan dus rekenen op een stevige vermindering van de tijd in het vagevuur.

De kleine lettertjes in getijden- boeken zijn een vloek voor lezers met verziendheid. Gelukkig zijn er in de middeleeuwen ook al brillen. Een prachtig voorbeeld daarvan ziet u in Zaal 1, op het schilderij Madonna met kanunnik Joris van der Paele van Jan van Eyck. In het achterplat van dit getijdenboek liet architect Loys van Boghem een handige uitsparing maken voor zijn bril.

Lezers schrijven ook in hun getijden- boeken: ze noteren belangrijke familie- gebeurtenissen zoals geboortes, dopen, huwelijken en overlijdens. Met hun perkamenten vellen en covers van hout en leer zijn middeleeuwse boeken bijzonder stevig en kunnen ze eeuwenlang blijven dienen. Daardoor vormen ze een ideale opslagplaats voor dit soort familiegeschiedenis. Getijdenboeken worden doorgegeven van generatie op generatie en elke nieuwe eigenaar vult de kroniek aan.

Madonna met Kind omringd door de heiligen Catharina en Barbara, de schenkers en hun patroonheiligen Jacobus en Judocus.

Kerkvaders als Ambrosius van Milaan (ca.337-397) en Beda Venerabilis (ca.672-735) beschrijven Maria als een toegewijde student van het Oude Testament en de Psalmen. Wanneer in de 12de eeuw het aantal kloosterordes groeit, nemen de kloosterlingen (vrouwen én mannen) aan haar een voorbeeld voor hun dagelijkse gebed. Later wordt ze op dezelfde manier een voorbeeld voor leken.

Dit boek is een juweeltje. Het fijne kalfsperkament, het overvloedige bladgoud en de rijke pigmenten alleen al moeten een fortuin hebben gekost. De letters zijn met uiterste precisie geschreven en de miniaturen zijn meesterwerken boordevol kleur, diepte en details. Dit boek vervulde zijn eigenaar of eigenares ongetwijfeld met trots.

De grote vlakken bladgoud in dit getijdenboek schitteren en glanzen prachtig bij kaarslicht. Samen met de kaders rond de tekst en de biddende engel in de marge creëren ze een sacrale sfeer rond de teksten. De kleurrijke marges met bloemen en diertjes houden de lezer geboeid, zelfs wanneer die voor de duizendste keer deze tekst leest.

'Ik eis een luxueus getijdenboek dat door iedereen wordt bewonderd!' Met deze satirische woorden lacht schrijver Eustache Deschamps (1346-1406) met de snobs van zijn tijd. Die laten hun boek langs de buitenkant rijkelijk versieren met bestempeld leer, fraai bewerkt metaal, en een laagje bladgoud op de sneden. De inhoud bood troost, de vorm maakte trots!